Faalangst
*************

Ze staat voor de klas,
is er weer eens uitgepikt.
Het is alsof de leraar net op de zwakste mikt.
Nu gaat het gebeuren, zij is aan de beurt.
Ze voelt hoe haar gezicht langzaam rood kleurt.
Tranende ogen, een wanhopige blik naar meneer,
een glimlach als reactie, maar die helpt haar niet meer.
Stamelende woorden, uit haar kleine trillende mond,
niet meer dan waardeloos gebrabbel, is wat er uit komt.
Knikkende knieën, nu gaat het mis.
Een felle stem van uit het bureau, die vraagt of dat alles is.
Prikkende ogen in haar rug, genadeloos gegniffel,
en gemompel, slechte dingen over haar, zo hard, zo stug.
Wat heb ik gisteren nou geleerd? Dat is alles wat ik weten moet,
iets over bijen en muggen, was het nou zuur, of net zoet?
Geen zinnige gedachte komt nog bij haar op,
alleen het gerommel in de klas, zit nog in haar kop.
Het gegiechel van de meisjes, en de felheid van meneer.
Ze stamelt het antwoord niet te weten, als ik mag gaan zitten, dank ik u zeer.
Ze strompelt naar haar bankje, een propje wordt nog net gegooid.
Gedachteloos staart ze voor zich uit, uitgelachen, hatelijk verstrooid.
Straks met de klas op het schoolplein, daarvoor is ze nog het bangst.
En dat alleen door die allesoverheersende faalangst...

 

Ga terug naar de vorige pagina